• Chrysant
  • Komkommer
  • Paprika
  • Pot- en Perkplant
  • Roos
  • Tomaat

Witte vlieg

Kaswittevlieg Met name de kaswittevlieg (Trialeurodes vaporariorum) komt voor in paprika. Maar, in beperktere mate komt ook wel de tabakswittevlieg (Bemisia tabaci) voor.

De wittevliegen voeden zich met de plantensappen. Het leegzuigen van de plantencellen leidt tot misvormingen van de bladeren.

Het is echter nog vervelender dat de kaswittevlieg grote hoeveelheden honingdauw uitscheiden. Op deze honingdauw kunnen (roetdauw-) schimmels gaan groeien. De vruchten kunnen daardoor onverkoopbaar worden.

Volwassen kaswittevlieg vindt u vooral in de kop van de plant, terwijl de tabakswittevlieg meer verspreid over de plant voorkomt. De kaswittevlieg zet haar eieren af in cirkels aan de onderkant van de bladeren in de top van de plant.

Larven zitten dan ruim onder de top op volledig gestrekte bladeren. Poppen zitten op het oudere blad van de plant. De poppen zorgen voor een toename van volwassen vliegen in de komende 2 weken.

De tabakswittevlieg daarentegen zet haar eieren meer verspreid over de plant af en niet in cirkels. In tegenstelling tot de kaswittevlieg zijn de larven en poppen van de tabakswittevlieg anders van vorm en kleur. De larven zijn geler en minder behaard.

De poppen hebben geen opstaande rand en de bekende twee rode vlekjes ontbreken.Vanwege de verschillende levenswijze moeten ze ook anders worden bestreden.


Hoe in de praktijk?

Preventieve acties:

  • Beperk het aantal wittevliegen door een schone teeltwisseling. Ruim alle wittevlieg aan het einde van de teelt op met een breedwerkend middel.
  • Zorg dat wittevlieg niet op het oude gewas of onkruid kan overblijven. Ruim dus alle oude gewasresten en onkruiden tijdens de teeltwisseling goed op.
  • Beperk het invliegen door insectengaas in de ramen te plaatsen.
  • Doe gewaswaarnemingen, maar hang bij de jonge aanplant ook ongeveer 20 signaalplaten per hectare op, om op tijd de eerste wittevlieg te kunnen waarnemen.
  • Zet vanaf maart de roofmijt Amblyseius swirski (Swirskiline as) in.

Curatieve acties:

  • Encarline fBijstrooien van Swirskiline.
  • Introduceer de biologische bestrijder Encarsia formosa (Encarline f) en Eretmocerus eremicus (Eretline e). Zet tien tot vijftien Encarsia formosa of Eretmocerus eremicus sluipwespen per vierkante meter in op en rond de haarden totdat 80% parasitering is verkregen.
  • Macroline CIndien meer haarden gevonden worden, overgaan tot het wekelijks volvelds uitzetten van 1,5 tot 3 sluipwespen per vierkante meter.
  • Zet de roofwants Macrolophus caliginosus (Macroline c) in vanaf maart met 0,5-1 per m2. Deze roofwants eten naast wittevlieg ook plagen als spint en vlindereieren. Introduceer in de wittevlieghaarden Macrolophus nimfen 10 per plant.

Tot eind maart is Eretmocerus een aanvulling op Encarsia vanaf april kunt u het aantal Encarsia vervangen door Eretmocerus. Ga door tot een parasiteringspercentage van 80%. De aangegeven aantallen natuurlijke vijanden zijn richtdoseringen. Situaties kunnen van bedrijf tot bedrijf verschillen. Raadpleeg uw gewasbeschermingsadviseur voor een advies afgestemd op uw specifieke bedrijfsituatie.

Waarom Plenum®?

  • PlenumUitstekend integreerbaar met biologische bestrijders
  • Goede systemische en lange werking op alle soorten luis en witte vlieg
  • Is zacht voor het gewas
  • Kan met veel middelen worden gemengd

© 2011 Syngenta