Echte Meeldauw
Binnen
de familie van komkommerachtigen zijn alle gewassen gevoelig voor dezelfde
echte meeldauw (Sphaerotheca fuliginea). Deze meeldauw komt voor
in gewassen als komkommer, augurk, meloen, courgette, pompoen, squash
en kalebas.
De schimmeldraden van echte meeldauw groeien op het oppervlak van de plant en dringen in het plantenweefsel, waarna voedsel uit de plant wordt opgenomen.
Wist u dat uit de schimmeldraden een groot aantal sporendragers groeien die de meeldauw het bekende uiterlijk geven van een witte vlek, het zogenaamde "wit"? Bij het blad kan dit zowel op de boven- als (bovenwit) aan de onderzijde (onderwit) van het blad ontstaan.
De sporen zelf zijn zeer licht en worden door wind en luchtbeweging gemakkelijk over grote afstanden verspreid. Doordat luchtbeweging belangrijk is voor de verspreiding van sporen zien we in kassen de meeldauw het eerst ontstaan op tochtplekken.
In tegenstelling tot veel andere schimmels ontwikkelt echte meeldauw zich ook goed bij een lage luchtvochtigheid, doordat de sporen zelf relatief veel vocht bevatten. Droog en warm (afwisselend) weer is dus ideaal voor een snelle uitbreiding van meeldauw.
| Praktijkadvies: |
Hoe in de praktijk?
Preventieve actie:
- U kunt de meeldauwontwikkeling beperken door tocht en temperatuurschokken in de kas te vermijden.
- Behandel het gewas vroegtijdig met preventieve meeldauwmiddelen.
- Wissel fungiciden uit verschillende groepen af, om verminderde gevoeligheid te voorkomen.
- Spuiten is doeltreffender dan LVM-en of foggen.
Curatieve actie:
- Pas Ortiva toe op beginnende aantasting, maar niet voordat komkommer aan de draad is.
- De tweede toepassing met Ortiva pas tegen het einde van de teelt
uitvoeren.
Ortiva afwisselend inzetten tegen echte meeldauw in komkommer. Hiermee voorkomt u resistentieontwikkeling; bij voorkeur geen bloktoepassing uitvoeren met Ortiva.
Toepassingsschema:
- N x imazalil, 1 x Ortiva, 2-3 x bupirimaat, 1 x Ortiva, 2 x bitertanol
Waarom Ortiva?
